Parasieten


Een hond kan verschillende parasieten bij zich dragen. Denk hierbij aan vlooien, teken, wormen en de darmparasiet giardia. Veel van deze parasieten zijn ook overdraagbaar op mensen (een zgn. zoönose) en moeten dus goed bestreden worden.
 
Wormen
Wormen zijn niet altijd zichtbaar in de ontlasting. Het advies is om uw hond elke 3 maanden te behandelen tegen wormen. Op deze manier is een besmetting te voorkomen. Vlooien kunnen wormeieren met zich meedragen. Wanneer uw hond last van vlooien heeft, dient u de hond 5 dagen na de behandeling tegen vlooien dan ook te ontwormen. Bij een wormbesmetting is het gewenst de ontworming na 2 weken te herhalen om ervoor te zorgen dat de hond weer wormvrij is.
 
Giardia
De giardia-parasiet is een parasiet die de hond bij zich kan dragen of via de omgeving mee in aanraking kan komen, maar die geen klachten hoeft te geven. Indien er wel klachten zijn dan zal de dierenarts aanraden om een onderzoek hiernaar te doen. Mocht de hond dan inderdaad last hebben van deze parasiet dan zal een behandelplan worden opgesteld.
 
Vlooien en teken
Vlooien en teken kunnen honden gemakkelijk en overal oplopen. Een regelmatige, preventieve behandeling is het beste om dit te voorkomen.

 

Wilt u er zeker van zijn dat u een goed en veilig middel gebruikt tegen verschillende parasieten, vraag ons dan om een passend advies!